Het Nederlands Vaccin Instituut (NVI) is op 1 januari 2003
opgericht. Het NVI bestaat uit de voormalige Sector Vaccins van het
RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) en de SVM
(Stichting ter bevordering van de Volksgezondheid en
Milieuhygiëne). Hierdoor is de jarenlange kennis en ervaring op het
gebied van vaccins binnen het NVI behouden gebleven.
Historie Vanaf de jaren '30 van de vorige eeuw
Met de start van grootschalige vaccinproductie is
de vaccinproductie lange tijd bij uitstek een publieke taak
geweest. Nederland heeft daarin een vooraanstaande rol gespeeld.
Veel van de bestaande kennis in de wereld over vaccins stamt af van
het werk van het NVI en zijn voorgangers.
Jaren '90 van de vorige eeuw
Sinds de jaren '90 is de economische waarde van
de vaccinkennis sterk toegenomen. Dit heeft geleid tot het
patenteren van vaccinproductie en tot schaalvergroting. Sindsdien
worden vaccins wereldwijd vooral door de farmaceutische industrie
geproduceerd en zijn sinds die tijd bijna alle overheidsproducenten
in de wereld opgeheven.
Na het jaar 2000
Het NVI is in 2003 als agentschap in het leven geroepen door de
productietaken van de toenmalige Stichting tot bevordering van de
Volksgezondheid en Milieuhygiëne (SVM) en de vaccinonderzoek- en
ontwikkelingstaken van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en
Milieu (RIVM) samen te voegen. Het kabinet heeft toen gekozen voor
een zelfproducerend vaccininstituut in overheidshanden met de
gedachte dat de overheid hiermee de beschikbaarheid van vaccins op
de beste manier zeker kan stellen, mede gelet op de eerder
geschetste concentratie en daarmee kwetsbaarheid van de wereldmarkt
van vaccins.
Aanscherpen kwaliteitseisen
De afgelopen jaren zijn de kwaliteitseisen scherper geworden,
waardoor ontwikkelings- en productiekosten exponentieel zijn
toegenomen. Als gevolg hiervan is er op dit moment nog slechts een
beperkt aantal producenten van vaccins. In de periode sinds 2003 is
het steeds duidelijker geworden dat het voor een zeer kleine
producent als het NVI steeds moeilijker wordt om te kunnen voldoen
aan de strenger wordende kwaliteiteisen tegen acceptabele kosten.
Diverse investeringen die nodig zijn om problemen op te lossen,
zijn bij een kleine organisatie als het NVI relatief hoog in
verhouding tot de productieomzet. De steeds toenemende
kwaliteitseisen maken het voor een zeer kleine producent als het
NVI onmogelijk om duurzaam aan die eisen te kunnen blijven voldoen.
2009: opmaat naar NVI Nieuwe Stijl
Het ministerie van VWS heeft daarom in 2009 besloten tot een nieuwe
koers voor het NVI. Het NVI zal zich richten op drie taken: inkoop,
opslag & distributie en onderzoek & ontwikkeling, beide
voor de Nationale Vaccinvoorziening. De derde taak ligt op het
gebied van IPV-productie (Inactivated Polio Vaccine). Daarmee valt
de productie van vaccins voor het Rijksvaccinatieprogramma (RVP)
voor het NVI weg.
De continuïteit van het RVP blijft gegarandeerd door vaccinaankoop
door het NVI. Om leveringsrisico's te minimaliseren, zullen
hogere veiligheidsvoorraden worden aangelegd. Ook zal een actieve
rol van het NVI in de ontwikkeling van vaccins in samenwerking met
publieke en private organisaties bijdragen aan een vermindering van
die risico's.
2011: afbouw van het NVI
Op 1 januari 2011 zijn de onderdelen 'Inkoop/Opslag/Distributie' (IOD), 'Vaccinologie' (was Onderzoek en Ontwikkeling) en een aantal ondersteunende afdelingen ondergebracht bij het RIVM. De onderdelen Quality Control en een deel van Quality Assurance, en Gemeenschappelijk Proefdier Laboratorium opereren in 2011/2012 nog onder de vlag van het NVI. In 2012 wordt duidelijk wat er met deze onderdelen gaat gebeuren.
De productieafdelingen maken in 2012 formeel nog deel uit van het NVI maar werken vooruitlopend op de toekomst bij een private partij onder de naam Bilthoven Biologicals.